B1 · Ontkenning · ca. 4 min
Ontkennende woorden als “nie”, “nichts” en “niemand”
“nie”, “nichts”, “niemand”, “nirgends”
Elk ontkennend woord heeft een Nederlandse tegenhanger, en net als in het Nederlands is er één per zin genoeg.
Ken je dit al?
“Nieuw voor mij”: eerst de uitleg, dan oefenen. “Ik test mezelf”: korte vragen (3) – heb je er minstens twee goed, dan ga je meteen door naar de moeilijkere oefeningen.
Deze woorden heb je nodig2
Ze komen voor in de voorbeelden en oefeningen van dit thema en zijn op dit punt van het leerpad nieuw.
- anfangenbeginnen
- gargaar
Begrijpen
OnthoudEén ontkenning is genoeg. Twee maken het weer positief.
- Signaalwoorden
- nie
- niemals
- nichts
- niemand
- nirgends
- noch nicht
- nicht mehr
- gar nicht
De vorm
De patronen in één oogopslag
Elke rij zegt eerst wanneer of waarvoor je het patroon gebruikt en geeft dan een voorbeeld in het Duits.
ontkenning
| altijd / nooit | Er kommt nie pünktlich. |
| iets / niets | Ich habe nichts gehört. |
| iemand / niemand | Niemand hat angerufen. |
| al / nog niet | Sie ist noch nicht da. |
| nog / niet meer | Er wohnt nicht mehr hier. |
De regels één voor één
De vorm waar dit thema over gaat
Eén ontkenning per zin is genoeg; het Duits stapelt ze niet.
Ich habe niemanden gesehen.Ik heb niemand gezien.
Niemand wordt verbogen: niemanden in de Akkusativ, niemandem in de Dativ.
Ich habe niemandem davon erzählt.Ik heb er niemand iets over verteld.
Noch nicht betekent “nog niet”, nicht mehr betekent “niet meer”.
Er arbeitet nicht mehr hier, und der Neue hat noch nicht angefangen.Hij werkt hier niet meer, en de nieuwe is nog niet begonnen.
Gar en überhaupt versterken een ontkenning.
Das hat mir gar nicht gefallen.Dat vond ik helemaal niet leuk.
Voorbeeldzinnen
Ich habe davon nie etwas gehört.Ik heb daar nooit iets over gehoord.
Es war niemand im Büro.Er was niemand op kantoor.
Der Schlüssel ist nirgends zu finden.De sleutel is nergens te vinden.
Meer voorbeeldzinnen (10)
Wir haben noch nichts entschieden.We hebben nog niets besloten.
Das interessiert mich überhaupt nicht.Dat interesseert me totaal niet.
Sie sagt nie etwas dazu.Ze zegt er nooit iets over.
Niemand konnte uns helfen.Niemand kon ons helpen.
Ich habe noch nie davon gehört.Daar heb ik nog nooit van gehoord.
Es ist nichts passiert.Er is niets gebeurd.
Wir haben nirgendwo einen Platz gefunden.We hebben nergens een plaats gevonden.
Er hat mir nichts davon gesagt.Hij heeft me er niets over verteld.
Das kommt gar nicht in Frage.Daar is helemaal geen sprake van.
Sie ist noch nicht zurück.Ze is nog niet terug.
De valkuil voor Nederlandstaligen
Let op
In het Duits is Ich habe nicht nichts gesagt gewoon rekenen: twee ontkenningen heffen elkaar op, en de luisteraar hoort dat je wel degelijk iets gezegd hebt. Voor Nederlandstaligen is dat verraderlijk, omdat “niet niks” in de spreektaal juist iets betekent: “dat is niet niks” wil zeggen dat iets behoorlijk indrukwekkend is. Daarnaast komen in sommige zuidelijke dialecten dubbele ontkenningen voor, zoals “ik heb niemand niet gezien”. Geen van beide gebruiken past in het Duits. Zodra er nichts, niemand of nie in de zin staat, laat je nicht weg.
Snelle check
Om op te warmen, met meteen het antwoord (vragen: 2). Ze tellen niet mee voor je voortgang.
Oefenen
Oefeningen bij dit thema: 3. Je antwoorden worden in de browser gecontroleerd; niets daarvan verlaat je apparaat.
Schrijf nu zelfZinnen bij dit thema: 3, getypt en meteen gecontroleerd.
Gelukt
Hoe goed zit dit thema?
Na het oefenen wordt dit automatisch ingevuld. Je kunt het hier altijd zelf aanpassen.
Verder op het leerpad: 80 · Werkwoorden die altijd wederkerend zijnTerug naar het leerpad
Uitgebreid uitgelegd
Lees de hele uitleg · ca. 1 min
De Duitse ontkennende woorden liggen dicht bij de Nederlandse: nie is “nooit”, nichts is “niets”, niemand is “niemand” en nirgends of nirgendwo is “nergens”. Ze hebben ook een positieve partner: immer (“altijd”), etwas (“iets”), jemand (“iemand”) en irgendwo (“ergens”). Let op het valse vriendje: nie lijkt op het Nederlandse “nie” uit de spreektaal, maar betekent altijd “nooit”.
Zo’n woord ontkent de zin al helemaal. Er komt dus geen nicht of kein meer bij: Ich habe niemanden gesehen, “ik heb niemand gezien”. Dat ken je uit de standaardtaal. Daarnaast heb je noch nicht (“nog niet”) en nicht mehr (“niet meer”), die woord voor woord gelijk zijn aan het Nederlands.
Nieuw is dat niemand in het Duits verbogen kan worden. Als lijdend voorwerp in de Akkusativ (vierde naamval) wordt het niemanden, als meewerkend voorwerp in de Dativ (derde naamval) niemandem. In de spreektaal hoor je ook gewoon niemand, maar in geschreven Duits is de uitgang gebruikelijk. Wil je een ontkenning versterken, dan gebruik je gar of überhaupt: gar nicht, “helemaal niet”.
Goed om te weten2
Goed om te weten
Vergelijking met het Nederlands: “nog nooit” en noch nie
Het Nederlandse “nog nooit” heeft een exacte Duitse tegenhanger: noch nie. Het is sterker dan nie alleen en zegt dat iets tot nu toe niet is gebeurd, maar dat het nog zou kunnen: Ich war noch nie in Wien, “ik ben nog nooit in Wenen geweest”. Je kunt de Nederlandse uitdrukking dus woord voor woord vertalen, en dat gaat bij de ontkenning vaker goed dan bij andere onderdelen.
Ich habe noch nie davon gehört.Daar heb ik nog nooit van gehoord.
Goed om te weten
Kein en nichts als kort antwoord
Op de vraag Hast du Geld? kun je kort antwoorden met Keins., ongeveer “geen”. Kein wordt dan een zelfstandig voornaamwoord en krijgt een eigen uitgang: keiner, keine, keins. Het Nederlands gebruikt hier vaak een omweg als “helemaal niet” of “niks”. Nichts verandert nooit van vorm en is het antwoord op een vraag met was: Was hast du gekauft? — Nichts. Dat is hetzelfde als het Nederlandse “niets”.
Was hast du gekauft? — Nichts.Wat heb je gekocht? — Niets.
De werkwoorden van deze pagina in alle vormen: haben · sein · hören · arbeiten · finden