Direct naar de inhoud
EveryLingua Alle talenWoordenboek
NL

Vervoeging van hören

  • Betekenis horen, luisteren naar
  • Niveau A1
  • Patroon regelmatig (-en) · wordt vervoegd als machen
  • Hulpwerkwoord haben

Vet en onderstreept: de uitgang. ◆ markeert een vorm die van de regel afwijkt.

Aantonende wijs

Futur IIvoltooid toekomende tijd

ichwerde gehört haben
duwirst gehört haben
er/​sie/​eswird gehört haben
wirwerden gehört haben
ihrwerdet gehört haben
sie/​Siewerden gehört haben

Vormen van de Konjunktiv

Konjunktiv IKonjunktiv I, indirecte rede

ichhöre
duhörest
er/​sie/​eshöre
wirhören
ihrhöret
sie/​Siehören

Gebiedende wijs

Imperativgebiedende wijs, bevestigend

duhör
ihrhört
Siehören Sie

Meer hierover: De gebiedende wijs

Onvervoegde vormen

Voorbeeldzinnen uit de cursus

Elke zin komt uit de woordenlijsten of grammaticathema’s van deze cursus. De werkwoordsvorm is gemarkeerd; eronder staat welke tijd en persoon het is.

  • Hör bitte auf damit.Hou daar alsjeblieft mee op.

    Hör – Imperativ · du

  • Wem gehört die Tasche?Van wie is de tas?

    gehört – Partizip II

  • Was für Musik hörst du?Naar wat voor muziek luister je?

    hörst – Präsens · du

  • Im Hintergrund hört man Musik.Op de achtergrond hoor je muziek.

    hört – Präsens · er/sie/es; Präsens · ihr

  • Ich höre ihn kommen.Ik hoor hem komen.

    höre – Präsens · ich; Konjunktiv I · ich · Indirecte vragen en zinnen met zu

  • Ich habe nichts gehört.Ik heb niets gehoord.

    gehört – Partizip II

Kort oefenen

Open plekken: 5 – eerst uit de voorbeeldzinnen hierboven, dan uit de tabel. Elk antwoord telt mee voor je herhalingen.

Verder leren

Werkwoorden met hetzelfde patroon

Bijpassende grammaticathema’s

De vormen zijn berekend volgens de regels van de taal – twee keer, langs twee onafhankelijke wegen – en vergeleken met alle met de hand geschreven vormen in deze cursus. De voorbeeldzinnen zijn eigen zinnen van de cursus.