Direct naar de inhoud
EveryLingua Alle talenWoordenboek
NL

Duitse leesteksten per niveau

Teksten van A1 tot B1: 40; woorden in totaal: 4 460; begripsvragen: 137. Bij elke tekst staat hoeveel ervan in de woordenschat van deze site wordt uitgelegd – berekend, niet beweerd.

A1 (13)

A1  ·  Woorden: 96  ·  1 min.

VerhaalDagelijks leven

Der erste Tag

Een eerste dag in een nieuwe baan, van de wekker tot de avond.

A1  ·  Woorden: 80  ·  1 min.

VerhaalDagelijks leven

Auf dem Markt

Boodschappen op een zaterdagmarkt, met prijzen en een kleine vergissing.

A1  ·  Woorden: 71  ·  1 min.

VerhaalDagelijks leven

Meine Familie

Een meisje stelt haar familie voor, persoon voor persoon.

A1  ·  Woorden: 87  ·  1 min.

VerhaalDagelijks leven

Der Schlüssel

Een sleutel is zoek, en het zoeken gaat langs alle zakken.

A1  ·  Woorden: 86  ·  1 min.

VerhaalDagelijks leven

Im Café

Twee vriendinnen, een regenachtige zaterdag en een bestelling aan tafel.

A1  ·  Woorden: 73  ·  1 min.

VerhaalDagelijks leven

Ein Sonntag im Park

Een gezin brengt een zonnige zondag door in het park — tot het weer omslaat.

A1  ·  Woorden: 103  ·  1 min.

VerhaalWerk

Lea in der Bäckerei

Lea werkt in een bakkerij: haar dag begint als de stad nog slaapt.

A1  ·  Woorden: 103  ·  1 min.

VerhaalStudie

Alis erste Woche

Ali is nieuw op de universiteit en vindt zijn lokaal niet.

A1  ·  Woorden: 100  ·  1 min.

VerhaalDagelijks leven

Der Hund von Frau Berg

Meneer Klein van de tweede verdieping laat de hond van zijn buurvrouw uit — en de hond heeft zijn eigen plan.

A1  ·  Woorden: 74  ·  1 min.

DialoogStudie

In der Bibliothek

Twee studenten in de bibliotheek: de een heeft een boek nodig, de ander rust.

A1  ·  Woorden: 56  ·  1 min.

DialoogDagelijks leven

Im Bus

Een kaartje kopen bij de buschauffeur — en bij de goede halte uitstappen.

A1  ·  Woorden: 70  ·  1 min.

BerichtDagelijks leven

Wo bist du?

Twee vrienden willen afspreken bij de bioscoop — maar bij welke deur?

A1  ·  Woorden: 54  ·  1 min.

E-mailWerk

Morgen komme ich später

Een korte mail aan de baas: ’s ochtends een afspraak bij de dokter.

A2 (13)

A2  ·  Woorden: 90  ·  1 min.

VerhaalDagelijks leven

Der Umzug

Verhuizen op een zaterdag, met te weinig handen en een behulpzame buurvrouw.

A2  ·  Woorden: 97  ·  1 min.

VerhaalDagelijks leven

Beim Arzt

Een verkoudheid, een dag niet werken en lang wachten bij de dokter.

A2  ·  Woorden: 89  ·  1 min.

VerhaalDagelijks leven

Der Zug nach Hamburg

Een treinreis, een gemiste aansluiting en een gesprek op het perron.

A2  ·  Woorden: 95  ·  1 min.

VerhaalDagelijks leven

Die Überraschung

Twee vrienden organiseren een feestje voor een derde, die het niet mag weten.

A2  ·  Woorden: 115  ·  1 min.

VerhaalDagelijks leven

Das verlorene Handy

Een mobieltje verdwijnt na de bioscoop en duikt ergens anders op.

A2  ·  Woorden: 105  ·  1 min.

VerhaalDagelijks leven

Die Sprachschule

Twee weken Duitse les, en de lidwoorden blijven het moeilijkst.

A2  ·  Woorden: 140  ·  1 min.

VerhaalWerk

Die erste Woche in der Werkstatt

Sven vertelt zijn zus over zijn eerste week in een autogarage.

A2  ·  Woorden: 140  ·  1 min.

VerhaalStudie

Der Abend vor der Prüfung

Vier studenten, één examen en een lange avond in de bibliotheek.

A2  ·  Woorden: 147  ·  1 min.

VerhaalDagelijks leven

Omas Geschenk

Wat geef je een oma die zegt dat ze niets nodig heeft?

A2  ·  Woorden: 98  ·  1 min.

DialoogStudie

In der Mensa

Lunch in de mensa: wat is er vandaag lekker, en wie heeft een vraag?

A2  ·  Woorden: 102  ·  1 min.

DialoogDagelijks leven

Die Jacke ist zu klein

Een jas ruilen in een kledingwinkel.

A2  ·  Woorden: 104  ·  1 min.

BerichtDagelijks leven

Kannst du die Blumen gießen?

Voor de vakantie: wie geeft de planten water en zorgt voor de kat?

A2  ·  Woorden: 86  ·  1 min.

E-mailWerk

Urlaub im August

Een mail aan de baas met een verzoek om twee weken vakantie.

B1 (14)

B1  ·  Woorden: 106  ·  1 min.

VerhaalDagelijks leven

Die neue Stadt

Voor het werk naar een nieuwe stad verhuizen, en je er langzaam thuis gaan voelen.

B1  ·  Woorden: 107  ·  1 min.

VerhaalDagelijks leven

Das Vorstellungsgespräch

Een sollicitatiegesprek, van de gang tot het telefoontje twee dagen later.

B1  ·  Woorden: 93  ·  1 min.

VerhaalDagelijks leven

Das Fahrrad im Flur

Een fiets in de gang, twee briefjes op de muur en een huis dat eindelijk praat.

B1  ·  Woorden: 112  ·  1 min.

VerhaalDagelijks leven

Das Rezept der Oma

Een recept dat nooit is opgeschreven, en een kleinzoon die het probeert.

B1  ·  Woorden: 114  ·  1 min.

VerhaalDagelijks leven

Die Reklamation

Een nieuwe wasmachine, een vreselijk geluid en een ochtend wachten op de monteur.

B1  ·  Woorden: 127  ·  1 min.

VerhaalDagelijks leven

Eine Nacht im Zug

Een nachttrein naar Wenen, een smalle coupé en een onbekende met een boek.

B1  ·  Woorden: 132  ·  1 min.

VerhaalDagelijks leven

Der Garten im Hof

Een grijze binnenplaats, het idee van één buurman en een huis dat zichzelf leert kennen.

B1  ·  Woorden: 192  ·  2 min.

VerhaalWerk

Eine Null zu viel

Een jonge kantoormedewerker vindt een grote fout op een rekening — en moet beslissen wat ze ermee doet.

B1  ·  Woorden: 194  ·  2 min.

VerhaalStudie

Ein Semester am Meer

Clara studeert een semester in het buitenland — en het moeilijkste is niet de taal.

B1  ·  Woorden: 206  ·  2 min.

VerhaalDagelijks leven

Das Klavier im dritten Stock

Een nieuwe buurvrouw speelt elke avond piano. Een klacht wordt iets anders.

B1  ·  Woorden: 149  ·  1 min.

DialoogStudie

In der Sprechstunde

Een studente vraagt haar professor om meer tijd voor een werkstuk.

B1  ·  Woorden: 154  ·  1 min.

DialoogDagelijks leven

Ein Tisch für acht

Een telefoontje naar een restaurant: de reservering wordt groter, en dan later.

B1  ·  Woorden: 167  ·  1 min.

BerichtDagelijks leven

Wer hilft beim Umzug?

Een familie-appgroep: opa verhuist naar een kleiner appartement, en iedereen moet een taak vinden.

B1  ·  Woorden: 146  ·  1 min.

E-mailWerk

Neue Regeln für die Küche

Een mail op kantoor over de gedeelde keuken — vriendelijk, maar duidelijk.

Losse woorden leren en losse grammatica oefenen is werken aan onderdelen. Een tekst is het eerste waarin je beide tegelijk nodig hebt – en de enige oefening waarbij niemand zegt welke regel er aan de beurt is.

Wat een tekst op niveau maakt, is een getal: hoeveel je er op jouw niveau al van kent. Ligt het te laag, dan wordt lezen opzoeken. Dat getal wordt hier voor elke tekst berekend tegen de woordenschat van deze site en staat bij de tekst – samen met het niveau dat eruit volgt, naast het niveau dat erop staat.

Elke tekst is voor deze site geschreven. Klik op een woord om het op te zoeken zonder de pagina te verlaten.

Wat hier gemeten wordt – en wat niet

De dekking zegt iets over de woordenschat van deze site, niet over de tekst. Staat een tekst op 96 %, dan worden vier van de honderd woorden hier nergens uitgelegd; die staan dan in de woordenlijst bij de tekst.

Het gemeten niveau kan lager liggen dan het aangegeven niveau, en dat is de bedoeling. Een notulenverslag vol gewone woorden kan een heel moeilijke tekst zijn – wat hem moeilijk maakt, zijn de zinnen waarin ze staan. Daarom staat de gemiddelde zinslengte ernaast.

Of een tekst goed is, meet hier niemand. Dat beslist wie hem leest.