Direct naar de inhoud
EveryLingua Alle talenWoordenboek
NL

B1VerhaalStudie2 min.

Ein Semester am Meer

Clara studeert een semester in het buitenland — en het moeilijkste is niet de taal.

Een verhaal over studeren in het buitenland. Let op de verbindingswoorden obwohl, als en damit: elk stuurt het werkwoord naar het eind, en elk verandert de logica van de zin.

Als Clara im Herbst in die kleine Stadt am Meer kam, war sie sicher, dass das Semester leicht wird. Sie hatte die Sprache zwei Jahre gelernt, und ihre Noten waren gut.

Die ersten Tage waren sehr schön. Sie fand ein Zimmer bei einer alten Frau, die jeden Morgen frisches Brot backte. Sie lief am Meer entlang und schrieb lange Nachrichten an ihre Freunde zu Hause.

Aber dann begannen die Kurse. Obwohl Clara die Sprache gut konnte, verstand sie in den Vorlesungen nur die Hälfte. Die Professoren sprachen schnell, und die anderen Studenten lachten über Dinge, die sie nicht verstand. Am Abend war sie müde und oft allein.

Nach drei Wochen rief sie ihre Mutter an und weinte. „Ich gehöre hier nicht dazu“, sagte sie. Ihre Mutter hörte lange zu und fragte dann: „Hast du schon jemanden um Hilfe gebeten?“ Das hatte Clara nicht.

Am nächsten Tag sprach sie nach dem Kurs einen Studenten an, der immer neben ihr saß. Er hieß Tomás und war selbst nicht von hier. Sie trafen sich jede Woche, damit sie zusammen lernen konnten. Am Ende des Semesters hatte Clara nicht nur gute Noten, sondern auch einen sehr guten Freund.

Meer zinnen hierover in “Taal in de praktijk”: Duits voor de studie

Woorden
194
Zinnen
17
Woorden per zin
11,4
in de woordenschat
100 %
gemeten niveau
A2
Leestijd
2 min.

Grammatica in deze tekst

Deze vormen komen in de tekst in echt gebruik voor. Met “Toon grammatica” boven de tekst worden ze in kleur gemarkeerd.

De woorden vanaf B1 in deze tekst

Niet de moeilijke woorden in het algemeen, maar die van jouw niveau: allemaal (2) van de verschillende woorden in deze tekst (128) staan op B1 of hoger. Al het andere ken je al als je hier aankomt.

De woordenlijsten bij deze tekst

De woorden van deze tekst staan op woordenlijsten van deze site (lijsten: 20); het getal erachter zegt hoeveel woorden uit welke lijst komen. Wie de tekst gelezen heeft, heeft net deze woorden nodig gehad – en kan precies die overhoren.

De werkwoorden van deze pagina in alle vormen: sein · haben · können · sprechen · verstehen · lernen · werden · kommen

Begripsvragen

Vragen bij de tekst: 4. Bij elk antwoord verschijnt de zin waarin het staat – een vraag waarvan je het antwoord niet in de tekst terugvindt, toetst niets.

1. Warum dachte Clara, dass das Semester leicht wird?

2. Was war in den Vorlesungen das Problem?

3. Was fragte die Mutter?

4. Warum trafen sich Clara und Tomás jede Woche?