Direct naar de inhoud
EveryLingua Alle talenWoordenboek
NL

Vervoeging van glauben

  • Betekenis geloven, denken
  • Niveau A1
  • Patroon regelmatig (-en) · wordt vervoegd als machen
  • Hulpwerkwoord haben

Vet en onderstreept: de uitgang. ◆ markeert een vorm die van de regel afwijkt.

Aantonende wijs

PlusquamperfektPlusquamperfekt (voltooid verleden tijd)

ichhatte geglaubt
duhattest geglaubt
er/​sie/​eshatte geglaubt
wirhatten geglaubt
ihrhattet geglaubt
sie/​Siehatten geglaubt

Meer hierover: Het Plusquamperfekt: wat daarvoor al gebeurd was

Futur IIvoltooid toekomende tijd

ichwerde geglaubt haben
duwirst geglaubt haben
er/​sie/​eswird geglaubt haben
wirwerden geglaubt haben
ihrwerdet geglaubt haben
sie/​Siewerden geglaubt haben

Vormen van de Konjunktiv

Konjunktiv IKonjunktiv I, indirecte rede

ichglaube
duglaubest
er/​sie/​esglaube
wirglauben
ihrglaubet
sie/​Sieglauben

Gebiedende wijs

Imperativgebiedende wijs, bevestigend

duglaub
ihrglaubt
Sieglauben Sie

Meer hierover: De gebiedende wijs

Onvervoegde vormen

Voorbeeldzinnen uit de cursus

Elke zin komt uit de woordenlijsten of grammaticathema’s van deze cursus. De werkwoordsvorm is gemarkeerd; eronder staat welke tijd en persoon het is.

  • Ich glaube, das stimmt nicht.Ik geloof niet dat dat klopt.

    glaube – Präsens · ich; Konjunktiv I · ich

  • Ich glaube, dass sie recht hat.Ik denk dat ze gelijk heeft.

    glaube – Präsens · ich; Konjunktiv I · ich · dass, weil, wenn: werkwoord aan het eind

Kort oefenen

Open plekken: 5 – eerst uit de voorbeeldzinnen hierboven, dan uit de tabel. Elk antwoord telt mee voor je herhalingen.

Verder leren

Werkwoorden met hetzelfde patroon

Bijpassende grammaticathema’s

De vormen zijn berekend volgens de regels van de taal – twee keer, langs twee onafhankelijke wegen – en vergeleken met alle met de hand geschreven vormen in deze cursus. De voorbeeldzinnen zijn eigen zinnen van de cursus.