B1 · Woorden: 34
Feesten en feestdagen in het Duits
Kerst, oud en nieuw, verjaardag, carnaval — feesten in Duitsland.
Oefen deze lijst
Uit deze woorden (34), zoveel per ronde als je wilt — tot en met allemaal: eerst wat vandaag te herhalen is, dan nieuwe. Eerst kies je, dan vul je in, dan schrijf je het zelf. Fouten komen al snel terug.
Meer over deze lijst
In Duitsland viert men Kerstmis vooral op kerstavond, Heiligabend (24 december), met de cadeaus. Sinterklaas bestaat ook, als der Nikolaus op 6 december, maar dan met kleine cadeautjes in een schoen. Bij een verjaardag feliciteer je de jarige zelf: Herzlichen Glückwunsch zum Geburtstag! De andere gasten feliciteren, zoals in Nederland vaak gebeurt, is in Duitsland minder gebruikelijk.
De woorden
Werkwoord (7)
schmückenversierenWerkwoordB1
feiernvieren, feestvierenWerkwoordA2
gratulierenfeliciterenWerkwoordA2
schenkengeven, cadeau doenWerkwoordA2
Valse vriend: niet “schenken” (inschenken is einschenken).
anstoßenproosten, klinkenWerkwoordB1
auspustenuitblazenWerkwoordB1
sich verkleidenzich verkledenWerkwoordB1
Zelfstandig naamwoord (27)
WeihnachtenKerstmisZelfstandig naamwoordA2
OsternPasenZelfstandig naamwoordA2
SilvesteroudejaarsavondZelfstandig naamwoordB1
NeujahrnieuwjaarsdagZelfstandig naamwoordB1
der Feiertagde feestdagZelfstandig naamwoordA2
der Adventde adventZelfstandig naamwoordB1
der Weihnachtsbaumde kerstboomZelfstandig naamwoordA2
die Kerzede kaarsZelfstandig naamwoordA2
die Dekorationde versieringZelfstandig naamwoordB1
die Feierhet feest, de vieringZelfstandig naamwoordB1
der Gastde gastZelfstandig naamwoordA2
der Glückwunschde felicitatie, de gelukwensZelfstandig naamwoordB1
die Grußkartede wenskaartZelfstandig naamwoordB1
der Sektde mousserende wijnZelfstandig naamwoordB1
die Tortede taartZelfstandig naamwoordA2
der Karnevalhet carnavalZelfstandig naamwoordB1
das Kostümhet kostuum, de verkleedklerenZelfstandig naamwoordB1
das Ostereihet paaseiZelfstandig naamwoordB1
der Osterhasede paashaasZelfstandig naamwoordB1
der NikolausSinterklaas, Sint-NicolaasZelfstandig naamwoordB1
das Feuerwerkhet vuurwerkZelfstandig naamwoordB1
die Raketede vuurpijlZelfstandig naamwoordB1
die Hochzeitde bruiloftZelfstandig naamwoordA2
Valse vriend: niet “hoogtijd”.
die Traditionde traditieZelfstandig naamwoordB1
das Ereignisde gebeurtenisZelfstandig naamwoordB1
das Erlebnisde belevenis, de ervaringZelfstandig naamwoordB1
der Abschiedhet afscheidZelfstandig naamwoordB1
Deze lijst hoort bij Cultuur, feesten en vieringen — lijsten: een, woorden: 34; de hele categorie kun je ook in één keer oefenen.